Verwarde man probeerde vuurwapen te kopen en zei mensen te gaan doden: 'Alle alarmbellen gingen af'

© RTV Utrecht / Timo Anceaux
Utrecht - "Alle alarmbellen gingen rinkelen!" Dat zei de officier van justitie over een verwarde Utrechter die vorig jaar mei aan de behandelaars van twee psychiatrische instellingen vertelde dat hij een vuurwapen had besteld en zoveel mogelijk slachtoffers wilde maken. Een van de GGZ-medewerkers vond de uitlatingen dermate zorgelijk dat de behandelaar de geheimhoudingsplicht schond en de politie inlichtte. Die ontdekte dat de man inderdaad al een vuurwapen had besteld.
De Utrechter werd aangehouden en is inmiddels onderzocht door een forensisch psychiater en psycholoog. Tijdens een voorbereidende zitting in de rechtbank werd duidelijk dat deze deskundigen van het NIFP adviseren om de man tbs met dwangverpleging met op te leggen. Maar volgens zijn advocaat waren de dreigementen alleen maar een schreeuw om hulp.
"Ik heb een wapen besteld, waarmee ik mensen wil doodschieten. Ik wil mezelf doodschieten en zoveel mogelijk mensen meenemen", zou de Utrechter tegen de GGZ-medewerkers hebben gezegd. Volgens het Openbaar Ministerie informeerde hij op berichtendienst Telegram hoe hij aan een vuurwapen kon komen. Hij zou uiteindelijk ook een wapen hebben besteld en betaald.

Het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP) houdt zich bezig met zogenoemde pro Justitia rapportage. Pro Justitia rapporten zijn onderzoeken door een onafhankelijke psychiater of psycholoog naar een persoon die betrokken is in een rechtszaak.
In sommige gevallen is het volgens de rechtbank nodig om iemand op te nemen in het Pieter Baan Centrum. Het PBC is een psychiatrische observatiekliniek en is onderdeel van het NIFP.
Als een rechter vermoedt dat er met een verdachte psychisch iets aan de hand is, kan de rechter opdracht geven om de verdachte te laten onderzoeken in het PBC.
De observatieperiode duurt gemiddeld zeven weken. Vanwege de vele aanmeldingen is de wachttijd voor opname op dit moment ruim vier maanden.

In volle gang tbs met dwang

Advocaat Mireille Veldman kan zich goed voorstellen dat bij zulke uitlatingen alle alarmbellen afgaan. Maar volgens haar meende haar cliënt het niet echt en was het een schreeuw om hulp. "Hij wilde een opname in een kliniek en verzon dit om het te forceren", aldus de advocaat. Zij begrijpt niet dat het OM "in volle gang aanstuurt op tbs met dwang". Volgens haar zijn lichtere vormen van verplichte behandeling geschikter voor haar cliënt.
De advocaat betoogde dat haar cliënt een jong iemand is met een blanco strafblad. Eerdere behandelingen in de reguliere GGZ zouden niet zijn geslaagd, omdat er geen juiste diagnose was gesteld. Die zou er nu wel zijn. Haar client heeft een gedragsstoornis, heeft autisme en is suïcidaal. Zij wil dat twee onafhankelijk deskundigen een second opinion geven over haar cliënt.

Beroepsgeheim doorbroken

De officier van justitie stelde dat het OM helemaal nergens op aanstuurt, dus ook niet op tbs met dwangverpleging. Zij benadrukte dat de verdachte al bekend was in de reguliere zorg bij de GGZ-instellingen BuurtzorgT en Altrecht.
Een behandelaar van Altrecht heeft uiteindelijk niet voor niets het beroepsgeheim doorbroken. Zijn vroegere behandelaars konden "geen verbintenis met hem krijgen", betoogde de officier. Maar volgens advocaat Veldman kwam dat door het toen nog niet eerder vastgestelde autisme van haar cliënt.
De deskundigen van het NIFP hebben gekeken naar deze verdachte en de risico's. Hun advies voor tbs met dwangverpleging is volgens de officier van justitie klip en klaar en goed onderbouwd: "De stoornis behandelen, zodat er ook voor hem een acceptabel leven is in de toekomst".

Second opinion

De rechtbank heeft niets tegen een second opinion, maar vindt het niet nodig dat anderen nog eens gaan onderzoeken welke psychische problemen de verdachte precies heeft. De verdediging mag twee onafhankelijke deskundigen vragen om het rapport en de adviezen van het NIFP en daar tijdens de rechtszaak tegen de man hun mening over te geven.
De rechtbank besliste dat de Utrechter vast blijft zitten. Zijn zaak wordt begin juni afgehandeld. In april is er nog een tussenzitting over de zaak.