‘Rijke Utrechters’ willen niet vrijwillig afstand doen van gratis huishoudelijke hulp

© ANP
Utrecht - Een verzoek van wethouder Rachel Streefland (ChristenUnie) aan inwoners om vrijwillig te stoppen met een huishoudelijke hulp op kosten van de gemeente heeft niets opgeleverd. Dat zei Streefland vandaag in de Utrechtse gemeenteraad, na vragen van de PvdA.
Volgens cijfers van het CBS vragen ‘rijkere hulpbehoevenden’ steeds vaker huishoudelijke hulp aan bij hun gemeente, het zou gaan om een verdubbeling. Raadslid Ilse Raaijmakers (PvdA) komt dat door het vervallen van de inkomenstoets in 2019. “Dat is een onwenselijke ontwikkeling omdat deze stijging zwaar drukt op het gemeentelijke Wmo-budget.” Daardoor kan de gemeente andere mensen met een hulpvraag niet helpen.

Landelijke trend

De regering heeft deze trend ook gezien en heeft aangegeven dat vanaf 2026 de inkomenstoets opnieuw ingevoerd zal worden bij huishoudelijke hulp. Wethouder Streefland herkende het patroon. Echter voor Utrecht is de stijging van het aantal mensen dat een beroep doet op de regeling minder groot, zo betoogt Streefland. Is er sinds 2019 gemiddeld een toename van de hulpvraag van 27 procent, in Utrecht is die stijging 16 procent. Het feit dat rijkere Utrechters vaker een beroep op de regeling doen klopt volgens de wethouder.
In juni heeft de wethouder een brief gestuurd naar Utrechters die hulp in de huishouding ontvangen. “Hierin is een oproep gedaan om waar mogelijk de hulp zelf te regelen”, zei de wethouder. “Wij hebben hierop geen signalen ontvangen dat inwoners hun hulp hebben opgezegd.”
Verder zei de wethouder dat de gemeente zo’n inkomenstoets niet zelf mag invoeren. Dat zou bij de rechter geen standhouden, zei ze. Daarnaast is de administratieve belasting voor de gemeente enorm.