Toekomst kinderhartchirurgie UMC Utrecht op het spel in rechtbank

© ANP
Utrecht - Heeft demissionair zorgminister Ernst Kuipers het met zijn besluit om kinderhartzorg te concentreren op twee locaties bij het juiste eind? Over die vraag boog de rechter in Utrecht zich vandaag. Het UMC Utrecht en de ziekenhuizen in Amsterdam en Leiden willen voorkomen dat zij hun recht kwijtraken om de ingrepen uit te voeren.
Het was volle bak in de rechtbank vandaag. In een urenlange zitting gingen de argumenten tussen de advocaten van de ziekenhuizen en minister over en weer. Wegen de voordelen van het centreren van de kinderhartzorg op tegen de nadelen? En heeft de minister zijn besluit op de juiste manier genomen? Die vragen blijken niet eenvoudig te beantwoorden.

Momenteel heeft Nederland vier centra voor kinderhartchirurgie, verspreid over vijf locaties (Rotterdam, Groningen, Utrecht en een gedeeld centrum in Leiden en Amsterdam). Die zorg gaat geconcentreerd worden op twee locaties. Demissionair zorgminister Ernst Kuipers besliste eerder dit jaar dat de centra voor kinderhartchirurgie in Rotterdam en Groningen open blijven. Dat betekent dat de afdeling kinderhartchirurgie in het UMC Utrecht en het Centrum Aangeboren Hartafwijkingen Amsterdam – Leiden (CAHAL) moeten sluiten. De minister wil daarvoor een overgangsperiode gebruiken van 2,5 jaar.

Stevige dijk

Het besluit van de minister zou te snel zijn genomen, stelt de verdediging van het UMC Utrecht. Het lijkt erop dat er maar een besluit wordt genomen om een besluit te nemen, stelt de advocaat. "Waarom willen we nu acuut gaten gaan maken in een stevige dijk? Die dijk staat er, en iedereen wil dat die blijft staan." Vernietiging van het besluit van de minister zou niet leiden tot afstel, maar tot een situatie waarin alle belangen zorgvuldig kunnen worden afgewogen.
De minister is met zijn besluit niet over één nacht ijs gegaan, benadrukt zijn advocaat. De kwaliteit van de zorg zou voor Kuipers voorop hebben gestaan. "En de minister is ervan overtuigd dat concentratie noodzakelijk is in het belang van patiënten, en dat belang is leidend."
Dat zit zo. De operaties die de centra uitvoeren zijn vrij zeldzaam. Specialistische centra zouden deze ingrepen zo'n zestig keer per jaar uit moeten voeren om het niveau hoog te houden, en dat zou niet kunnen met vier hartcentra. Daarom zou het beter zijn om de zorg op twee locaties te concentreren.
De ziekenhuizen zeggen niet tegen de concentratie te zijn, maar dat ze bezwaren hebben tegen de manier waarop. Zo vindt het UMC Utrecht dat de verplaatsing slecht is voor kinderen met kanker, die worden behandeld in het naastgelegen Prinses Máxima Centrum. Door de sluiting zouden die kinderen onnodig vervoerd moeten worden.
Ook zou het proces naar de concentratie niet goed zijn verlopen. Het zou bijvoorbeeld niet duidelijk zijn geweest hoe de umc's in aanmerking kunnen komen voor de schaarse kinderhartchirurgie-vergunning.

Spoedprocedure

De partijen stonden in juli ook al voor de rechter. De ziekenhuizen probeerden af te dwingen dat er geen onomkeerbare besluiten genomen mochten worden zolang deze bezwaarprocedure nog liep. De rechtbank oordeelde in die spoedprocedure dat de plannen van de minister door konden gaan.
Omdat ze de kinderhartoperaties dreigen kwijt te raken, hadden de kinderhartcentra Leiden/Amsterdam en Utrecht in oktober aangekondigd dat ze meer willen samenwerken. De beide teams moeten vanaf volgend één team op twee locaties worden, in Utrecht en Leiden.
De rechtbank in Utrecht doet op 11 januari schriftelijk uitspraak.